14 december, 2010

Gedragen kleding.

Ik heb dat rare geloof
als een jasje uitgedaan.
Ik was nog maar veertien jaar
en voelde mij begenadigd,
als was er een wonder geschied.
Toch, zonder kleerscheuren
is het niet gegaan.
Later kwam het besef:
je bent voorgoed beschadigd,
te nauwer nood gered.

Ik trok geen jas uit
maar een huid en
moest het voortaan zonder doen,
moest achter een
-door de geest uit de fles-
snel opgetrokken rookgordijn
verwdijnen voor wie alles ziet
ook al bestaat hij niet.

J. Eijkelboom, Wat blijft komt nooit terug

Geen opmerkingen:

Een reactie posten